Geschiedenis 1970-1995

De periode tussen 1970 en 1995 heeft een aantal opvallende kenmerken. Genoemd kan worden dat de vereniging professioneler geworden is (een administrateur, reclameborden langs de velden) en dat het eerste elftal steeds meer en ook professionelere aandacht krijgt (een assistent-trainer, een fysiotherapeut). Als totaal presteert het eerste elftal, met als belangrijkste trainers respectievelijk Piet Ouderland, Gé van Dijk, Doby Peters en Pim van der Meent, matig; gemiddeld een zesde plaats. Wel wordt er steeds beter voor de eerste elftal spelers gezorgd: wasten ze in 1970 nog hun eigen kleren, in 1995 is overwinteren op Grand Canaria al routine mede dankzij de bijdragen van AFC-vriendelijke bedrijven. Het ledenaantal stijgt licht van 1404 naar 1.513 (+ 8%). Van alle leden is 36% jeugdlid, 33% seniorlid en 32% donateur. Opmerkelijk in deze periode is de forse toename van het aantal jeugdelftallen: van 33 in 1971 naar 45 in 1994. Dit is geheel te danken is aan de invoering van de categorie F-junioren (9 en 10 jaar) in 1968. In bestuurlijk opzicht zijn het de voorzitters Dick Bessem, Jan van Dijk en Machiel van de Woude, die de vereniging leiding geven. 

De jaren 1970 – 1976 wordt in sportief opzicht gekenmerkt door twee gebeurtenissen. Het AROL-toernooi wordt voor het laatst gespeeld (1970). Neptunus uit Rotterdam is de laatste winnaar en mag de beker definitief houden. Positief was dat AFC zich, onder leiding van trainer Piet Ouderland, in 1974 plaatste voor de toen opgerichte hoofdklasse. Wel werd aan het eind van dat seizoen via een halve nacompetitie degradatie voorkomen. In die nieuwe hoofdklasse is AFC de enige vereniging die geen reclame op haar shirt heeft, maar er komen wel reclameborden langs het veld. Het jaardiner (op de dag van oprichting: 18 januari) waar alleen mannen aanzitten, krijgt een vrouwelijke tegenhanger: in januari 1974 geven 80 dames in avondtoilet acte de préséance bij het eerst dames jaardiner. 

De periode 1976 – 1980 kent weinig opvallende of spraakmakende gebeurtenissen. De resultaten van het eerste in de toen net gevormde hoofdklasse zijn matig: eenmaal een tweede plaats, maar ook tweemaal een tiende. Trainer Piet Ouderland stopt tussentijds als trainer en Gé van Dijk en Frans Kramer (1978) volgen hem op. Bas Rachman wordt de eerste winnaar van de titel “speler van het jaar” (1975). Later in deze periode verwerven ook spelers als Kees Gehring en Edwin Geluk deze eretitel. Dick Bessem treedt terug als voorzitter; hij wordt directeur van het Olympisch Stadion. Het AFC-bulletin waarin de opstellingen staan, gaat op in het clubblad De Schakel en het programmablad “AFC-Thuis” verschijnt voor het eerst. Begin 1976 wordt de vijftigste Nieuwjaarsdagshow “Abraham mag blijven” opgevoerd en in 1980 de musical "Rudy Boy".

De cast van de musical Rudy Boy t.g.v. het 75-jarig bestaan van AFC in 1980 

In het tijdvak 1980 – 1985 gaat het sportief niet bijzonder goed. Onder verantwoordelijkheid van trainer Doby Peters degradeert AFC net niet dankzij een 1-1 gelijkspel tegen EDO in de nacompetitie. Twee minuten voor het einde stond AFC nog achter. Toen scoorde Henny Kottmann die eerder in die wedstrijd een strafschop miste. De resultaten in de overige jaren van deze periode -steeds onder leiding van trainer Doby Peters- zijn matig: gemiddeld een zesde plaats met een tweede plaats in 1984. In deze periode spelen iconen als Kees Gehring, Bas Rachman, Edwin Geluk en Theo Husers hun laatste wedstrijd in het eerste. Sal van Gelder wordt als elftalleider opgevolgd door Rob Duis. Positief is dat AFC-1, maar dan het zaterdagelftal, kampioen wordt en zo maken veel oud eerste elftalspelers toch nog een kampioenschap mee. De ontwikkeling in het ledenaantal baart zorg. Sinds 1980 is sprake van een duidelijke daling, die overigens in heel Nederland optreedt. Heeft AFC in 1980 nog 1295 in 1985 is dat gedaald naar 1123. Een schok is dat Peter van der Valk, onze talentvolle doelman -maar ook van het Nederlands amateurelftal- plotseling overlijdt. In 1983 verschijnt de eerste persmap onder redactie van Hans de Bie en doet AFC voor het eerst mee om de KNVB-beker. Het sneuvelt in de eerste ronde uit tegen Emmen: 3-0. In 1985 bestaat AFC 90 jaar en wordt daar een (Tros) radioprogramma aan gewijd. In dat zelfde jaar wordt de roemruchte enquêtecommissie, die bij nieuwe leden op bezoek gaat, opgeheven. 

In de periode 1986 – 1990 zijn de resultaten wisselend. Eenmaal (1986) wordt AFC tweede, maar in 1989 redt de club zich pas in de laatste wedstrijd van degradatie. In de breedte neemt de kracht van AFC aanzienlijk toe. Vanaf 1985 spelen vijf seniorenelftallen in de KNVB. Aan het eind van het seizoen 88/89 heeft AFC negen kampioenen waaronder AFC 2 en 6 en zes jeugdelftallen. Het sportieve hoogtepunt in deze periode is de bekerwedstrijd thuis tegen Vitesse, toen derde in de eredivisie. Na verlenging staat het, mede dankzij fantastisch keeperswerk van Peter van Essen (eigenlijk uit het vierde, maar ja, blessures) stond het na verlening 3 – 3. Helaas nam Vitesse de strafschoppen beter. 

Op basis van een onderzoek van Gerard Trebert en Kees Gehring zoekt AFC nauw(er) contact met het bedrijfsleven en komt in 1986 het instituut “AFC-vriendelijke bedrijven” tot stand. Kenmerkend daarbij is dat AFC zich niet verbindt aan één grote sponsor, maar een vaste relatie aangaat met vele kleinere (wat heet) sponsoren. Ook wordt de jeugdsupportersclub “The Dike Side” opgericht. Het daarmee opgehaalde geld kwam en komt ten goede aan de vereniging. Vele extra’s worden vanaf dat moment mogelijk zoals een trainingsstage, meestal naar Gran Canaria (Spanje), gedurende de winterstop. Een van de gevolgen van de komst van de sponsoring was dat vanaf dat moment er ook lichtreclame staat op het dak van het clubgebouw. Ook doet de Herfstdriedaagse voor de jeugd haar intrede. Tijdens de herfstvakantie van de scholen wordt een groot toernooi georganiseerd aangevuld met vele andere activiteiten voor de jeugdleden. Een grote schok is het overlijden van Henne Boskamp. In de jaren 60 was hij een gedreven aanvoerder van AFC-1. Later was hij ook tafelpreses bij het jaardiner. Een jaar later krijgt hij postuum de Nobelprijs die vanaf dat moment de “Mr. Henne Boskamp Nobel Prijs” heet. Qua ledenaantal wordt de weg omhoog weer gevonden. Het absolute dieptepunt was 1085 in 1986. In 1990 staat de teller weer op het niveau van 1975: 1339 leden waarvan 45% seniorlid is. 

De jaren 1990 – 1995 zijn jaren waarin AFC met gemiddeld een vijfde plaats, weinig opvallend presteert. Uitschieter is de tweede plaats in het jaar van het 100-jarig bestaan: 1995. AFC, onder leiding van trainer Pim van der Meent en elftalleider Henk Bijlsma, komt drie punten tekort; Holland gaat met de titel strijken. Vanwege dat 100-jarig bestaan worden vele extra activiteiten georganiseerd. In de Stadsschouwburg wordt de musical “de AFC-ers” o.l.v. Jack van Gelder opgevoerd: een fantastisch spektakel. Ook verschijnt “Het Honderd-jarenboek” (redacteuren: Hans de Bie en Ronald Anderson) met de geschiedenis van AFC van 1895 - 1995. Ter afsluiting van de feestelijkheden wordt door de veteranen en hun partners gedineerd in het Rijksmuseum onder de Nachtwacht en speelt AFC-1 tegen Barcelona. Barça trainer Cruijff ziet zijn elftal met 4 – 1 winnen. Ruim 5.000 toeschouwers waren er getuige van. Het ledenaantal is in die periode wederom gestegen. In 1995 staan 1513 leden geregistreerd dat dan voor ruim 40% uit jeugdleden bestaat: wie de jeugd heeft, heeft de toekomst.

Inloggen

Gegevens vergeten?
Terug naar de site

Account aanvragen

Terug naar de site